Rotterdam,
08
oktober
2018
|
11:16
Europe/Amsterdam

Giorgio Costa Albeda Danscollege mbo-leraar van het jaar

Afgelopen vrijdag 5 oktober werd Giorgio Costa verkozen tot ‘Leraar van het jaar Rotterdam 2018’. Met deze titel treedt hij in de voetsporen van collega Nikki Kruijer die het afgelopen jaar deze titel met verve heeft gedragen. In een bomvol Kino was Nikki één van de presentatoren. Zij kondigde ook de verkiezing van de Rotterdamse mbo-leraar van het jaar aan. En dat was voor haar bijzonder spannend, want de drie genomineerden Ahmet Dikbas van het Zorgcollege, Giorgio Costa van Albeda Danscollege en Esther Vermaas van het Techniek College Rotterdam zijn alle drie afkomstig uit de Albedastal. Nikki wist in ieder geval al dat zij het stokje ging overgeven aan iemand die verbonden is aan Albeda.

Het was uiteindelijk wethouder Onderwijs Cultuur en Toerisme Said Kasmi, die de doorslaggevende redenen om Giorgio tot ‘Leraar van het jaar Rotterdam 2018’ te benoemen presenteerde aan het publiek.

‘Hij is een echt mensenmens. Hij heeft passie voor zijn vak en geeft dit ook door aan zijn leerlingen, Hij is zeker niet bang om zijn emoties te tonen. Met zijn manier van denken is hij de frisse wind binnen de opleiding en met zijn manier van lesgeven weet hij elke leerling op een andere manier te prikkelen’.

Uit de nominatieteksten, die eerder gepubliceerd werden, bleek ook al hoe blij de kiezers met Giorgio zijn.

‘Giorgio Costa begrijpt de studenten erg goed. Hij is er altijd voor vragen en haalt het beste uit zijn studenten door ze erg te motiveren. Daarnaast heeft hij door het onverwachte vertrek van een docent erg veel extra taken op zich gekregen, die hij zo goed mogelijk uitvoert. Hij heeft een erg grote rol in de productie van de eindvoorstelling van de opleiding Dans, wat een erg belangrijk en mooi project is. Dit alles doet Giorgio Costa vanuit zijn hart. Hij houdt van de leerlingen en de opleiding. Dit was erg goed te merken toen hij brak tijdens het geven van een speech voor de studenten, waarin hij vertelde hoe trots hij is.

Reden genoeg om even stil te staan bij wie Giorgio is en wat hij verwacht van zijn ambassadeurschap als leraar van het jaar. Een kort interview.

Giorgio is een geboren en getogen Rotterdammer. Thuis werd er altijd muziek gedraaid en daar ontstond zijn grote liefde voor dans en muziek. Heel bijzonder is dat hij op 17-jarige leeftijd begon aan zijn dansopleiding bij Albeda Danscollege waar hij nu als docent werkt. Hij heeft verschillende shows gedaan voor merken als Nike en Aesics. Ook was hij te zien in de liveshows van So You Think You Can Dance, The Ultimate Dance Battle en de finale van Hollands Got Talent.Ook was hij te zien in de Dino Show en heeft hij in meerdere shows gedanst van nationale en internationale artiesten.

Je behoort tot eerste lichting afgestudeerden van het Albeda Danscollege, hoe zag jouw schoolcarrière eruit en wat heeft het je gebracht?

“Mijn schoolloopbaan verliep niet geheel vlekkeloos. Als kind was ik erg druk en energiek. Ik deed veel aan sporten en ik was altijd bezig. Dat was voor docenten lastig en ik kreeg al snel een label. Tijdens mijn periode aan het IJsselcollege waar ik de havo-vwo-klas deed, zag ik jongens breakdancen en ik was ‘blown away by that’. De energie die ervan uit ging en de mensen erom heen…ik vond het geweldig! Ik kende een van de jongens en sloot mij aan bij de groep en vanaf dat moment kon ik mijn energie kwijt. Op school werd het wel steeds lastiger en ondanks hoge scores op cito- en intelligentietesten ging het niet goed en dat was voor mij een confronterende tijd. Uiteindelijk ben ik ingestroomd in het mbo-onderwijs. Eerst niveau 1, toen de opleiding Administratie op niveau 2 maar ik zat niet op mijn plek. Op een dag sloeg ik de Metrokrant open en zag ik een advertentie voor audities voor een nieuwe opleiding bij Albeda Danscollege. En dat vond ik heel interessant want zo kon ik naar school, maar ook mijn passie voor dans vormgeven. Vanaf toen vielen alle puzzelstukjes op de juiste plek en ging het heel goed.”

Hoe zie je jezelf als docent?

“Ik zie mijzelf als een docent die uitgaat van mogelijkheden en altijd kiest voor een positieve benadering van wat er speelt. Een ‘generaal’ zijn voor de klas werkt voor mij niet. Respect is voor mij belangrijk maar op basis van het mens-zijn. Ik wil mijn studenten meegeven dat als zij ergens hun hart, ziel en passie insteken alles mogelijk is. Ik had nooit op mijn bucketlist staan dat ik docent wilde worden maar doordat ik mijn liefde voor dans en muziek heb gevolgd is dit een gevolg. Als iemand aan mij vraagt wat ik doe dan vertel ik hen dat ik danslessen geef. Ik ben wel docent maar ik ben ook choreograaf van bijvoorbeeld het laatste concert van Broederliefde of voor een videoclip voor Afrojack. Mijn werkheden lopen in elkaar over en door mijn opdrachten in het werkveld neem ik mijn studenten mee naar de wereld waarin zij willen werken. Op deze manier zijn mijn docentschap en de ervaringen die zij met mij delen interessant, leerzaam en actueel.”

Hoe belangrijk vind je jouw sector?

“Ik vind dat het belang van kunst- en cultuur zwaar wordt onderschat. Er is veel bezuinigd in het onderwijs en in de maatschappij op kunst- en cultuur. Dat gemis aan kunst- en cultuur begint al op de basisscholen, denk aan theaterbezoek en muzieklessen. De toegang tot kunst- en cultuur zou veel laagdrempeliger moeten zijn. Er wordt nog teveel gedacht in hokjes terwijl iedereen in aanraking zou moeten komen met kunst- en cultuur omdat het positieve vormingsaspect ervan een grote invloed heeft op het welzijn. Het is jammer dat er niet veel meer geïnvesteerd wordt in kunst- en cultuuronderwijs zodat iedereen vanaf jonge leeftijd zijn creatieve vaardigheden goed leert kennen en ontwikkelen. Ik vertel mijn studenten altijd dat wij een gave met een opdracht hebben want muziek en dans zijn op zoveel momenten in het leven belangrijk. De waarde en de positieve energie van dans en muziek wordt nog steeds door beleidsmakers op hoge niveaus onderschat.”

Een dag in de klas

“Ik ben een creatieveling dus ik werk met mijn studenten op een manier waardoor zij zichzelf iedere dag kunnen verbeteren. Als choreograaf en dansleraar speel ik in op wat er op het moment speelt. Iedere klas is anders en ik werk heel erg in het nu. Ik geloof er niet in dat je op eenzelfde manier kan lesgeven aan iedere klas. Dat kan alleen als je puur theoretisch lesgeeft. Ik zoek de verbinding met de studenten, kijk wat er op dat moment speelt en daarmee ga ik aan de slag om tot prestatieverbetering te komen. Ik geloof niet in een allesomvattende lesmethode, iedere student is uniek en iedere groep kent zijn eigen dynamiek en als je als docent de verbinding kan maken, echte aandacht hebt voor de studenten en de creatieve energie naar een hoger niveau kan begeleiden dan is alles mogelijk.”

Je bent nu een jaar lang ambassadeur voor het mbo onderwijs in Rotterdam. Wat is jouw boodschap dit jaar voor het onderwijs?

“Voor mij is de connectie met kunst- en cultuur in het onderwijs de belangrijkste boodschap. Jongeren in aanraking laten komen met kunst- en cultuur. Toen ik mijn opleiding volgde was daar veel geld voor beschikbaar maar de afgelopen jaren niet meer. Het is belangrijk dat wij dan ook goed kijken naar welke kunst- en cultuuractiviteiten aansluiten met welke doelgroepen. Als je bijvoorbeeld kijkt naar de kunst- en cultuurprogrammering in een multiculturele stad als Rotterdam dan zie je vrij snel dat die aansluiting veel beter kan. Als dat lukt dan heb je winst op school en in een stad, want kunst- en cultuur maakt mensen ruimdenkender en met een ‘open mind’ ben je toleranter en dat maakt de verbinding met anderen makkelijker.”